10 tips voor het geven van feedback

Een goede medewerker kan collega’s complimenteren met goede ideeën en mooie prestaties, maar een goede medewerker moet een collega ook tactvol en opbouwend kunnen vertellen wanneer een idee of een prestatie niet goed is. Hoe geef je op een goede manier feedback? Wij helpen je op weg met 10 tips voor het geven van feedback.

Feedback gaat over gedrag of ideeën, niet iemands persoonlijkheid

Het belangrijkste bij het geven van feedback is, dat je jezelf richt op het gedrag of het idee, en niet op de collega zelf en diens persoonlijkheid.

Door jouw feedback te richten op gedrag en daden, zorg je ervoor dat deze veel eerder wordt geaccepteerd dan wanneer je iemand op zijn karakter aanspreekt. De ontvanger van de feedback kan zijn gedrag veranderen, zijn persoonlijkheid niet.

Als je kritiek moet geven, leid die dan in met een positieve uitspraak. ‘Volgens mij zit je op het goede spoor met dat bezuinigingsvoorstel, en ik denk dat het nog beter kan als je ….’ Gebruik het woordje en als overgang naar de kritiek, en niet maar. Daarmee ontkracht je de positieve uitspraak en strijk je mensen tegen de haren in.

Baseer jouw opbouwende feedback op:

  • wat iemand doet
  • wat je zelf ziet gebeuren
  • wat meetbaar is

Spreek nooit oordelen uit over mensen, zoals ‘Je bent slordig’. Daarmee jaag je de collega tegen je in het harnas, en bovendien help je hem er ook niet mee. In plaats daarvan kun je met feiten komen: ‘Je hebt twee keer zoveel fouten gemaakt als de andere teamleden.’

10 Tips voor het geven van feedback

Hieronder vind je een lange lijst met tips, maar je hoeft ze niet altijd allemaal te hanteren. Sommige zijn bedoeld als algemene richtlijnen, andere hebben betrekking op formele situaties.

1. Wees eerst positief, dan negatief

Veel mensen reageren op lof, aanmoediging en erkenning. Als je negatieve feedback dus vooraf laat gaan door een positieve opmerking, dan is de ander eerder geneigd ook het negatieve te accepteren.

Bijvoorbeeld: “Ik ben heel tevreden over de manier waarop je mijn werk aanlevert en je bent heel geliefd bij de klanten. Maar ik vind wel dat je wat meer tijd moet besteden aan je administratie.”

2. Wees specifiek

Vermijd te algemene opmerkingen als ‘dat was goed’. Zeg liever wat er goed was. Concentreer je op waarneembaar gedrag. Vermijd commentaar op zaken waar de ander niets aan kan doen, op beweegredenen zoals jij ze ziet of ‘tekortkomingen’.

3. Geef details

Gedetailleerde informatie biedt meer kansen om te leren.

Bijvoorbeeld: ‘De manier waarop je die vraag formuleerde was nuttig voor de klant, want het gaf hem de gelegenheid om uit te leggen…..’.

4. Laat de ander zelf bepalen of hij jouw feedback accepteert of verwerpt.

Je kunt een ander niet jouw overtuigingen en attitudes opleggen. In het gunstigste geval krijg je te maken met weerstand; in het ergste geval met onverzettelijkheid en wrok. Effectieve feedback verschaft de ander informatie over zichzelf waarover hij kan nadenken en waarvan hij kan leren. Of men ook werkelijk iets doet met jouw feedback, valt buiten jouw invloedssfeer.

5. Biedt alternatieven

Probeer negatieve feedback om te zetten in positieve suggesties.

Bijvoorbeeld: “Het zou je een hoop tijd besparen als je eerst de informatie vergaarde en dan pas….”

6. Beschrijf, veroordeel niet

Beschrijf dingen die je gezien en gehoord hebt en het effect dat dit op jou had. Dat is veel zinvoller dan een waardeoordeel als “Dat was verschrikkelijk” of “ontzettend goed”.

Bijvoorbeeld: “Zoals je luisterde naar mijn probleem, zoals je naar voren leunde en je gezichtsuitdrukking; je leefde echt met me mee en daar­door voelde ik me belangrijk en gewaardeerd.”

7. Neem de verantwoordelijkheid voor jouw feedback

Vermijd ‘jij bent’ beweringen, die suggereren dat er een universele visie bestaat op de persoon in kwestie. Begin liever met “Ik vind…” of “Ik ben van mening”. Het is belangrijk om de verantwoordelijkheid te nemen voor de feedback die je geeft.

8. Realiseer je dat niet alles veranderd

Realiseer je dat de dingen wellicht niet veranderen als gevolg van jouw feedback. Er bestaat altijd een kans dat de ontvanger boos of gekwetst is als gevolg van jouw negatieve feedback, en dat de relatie daardoor verandert. Je moet dus van tevoren een afweging maken; de voors en tegens van het niet geven van de feedback.

9. Vraag de ander of hij/zij het met de feedback eens is

Geef de ander de kans om na te denken over de feedback en er met jou over te praten. De ander zal namelijk niets uitdoen op feedback waar hij niet achter staat.

10. Vraag de ontvanger om suggesties voor alternatieve gedragsvormen.

De meest positieve stap naar een duidelijke veranderingsdoelstelling is door de ander eerst in staat te stellen de noodzaak voor verandering te onderkennen en ten tweede, door de ander zijn eigen conclusies te laten trekken over wat er anders kan.


Meer leren over het geven van Feedback? In onze communicatietrainingen en leiderschapstrainingen komt het geven van feedback uitgebreid aan de orde.

Advies nodig bij de
keuze voor een training?

Bel vrijblijvend met XL10. Samen met jou bespreken we graag jullie ambities.

ONZE REFERENTIES