
Het beeld dat veel mensen hebben: een toneelstukje opvoeren, voor het blok staan, beoordeeld worden door collega’s.
En dat is precies waarom werken met een trainingsacteur zó waardevol kan zijn.
Want nieuw gedrag leren is spannend, en juist daarom moet het veilig geoefend kunnen worden.
In de praktijk zien wij dat een trainingsacteur van grote waarde kan zijn bij het oefenen van nieuw aangeleerde methodieken. Niet als toneelstuk. Maar als realistische oefensituatie waarin deelnemers de stap maken van begrijpen naar doen.
Wat maakt werken met een trainingsacteur zo krachtig? En waar zitten de hobbels? We lichten het toe vanuit vier perspectieven.
1. De rol van de deelnemer bij oefenen met een trainingsacteur
Oefenen met nieuw gedrag zit eigenlijk al in ons ingebakken.
Kinderen doen voortdurend “alsof”. Ze spelen situaties na, proberen uit, maken fouten en leren daarvan.
Dat volwassenen stoppen met spelen omdat ze volwassen worden, is eigenlijk jammer.
In trainingen gaat het vaak om nieuw gedrag: een lastig gesprek voeren, grenzen aangeven, feedback geven, omgaan met weerstand.
Dat gedrag begrijpen is één stap. Het daadwerkelijk doen is een tweede. Juist voor het daadwerkelijk doen biedt een trainingsacteur uitkomst.
Een trainingsacteur biedt de mogelijkheid om:
- nieuw gedrag uit te proberen
- te experimenteren zonder directe consequenties
- te ervaren wat ander gedrag oplevert
Juist die ervaring is cruciaal. Want gedragsverandering ontstaat niet door inzicht alleen, maar door positieve ervaringen.
De hobbel: “Ik moet toneelspelen.”
“Maar dan moet ik toneelspelen.” Is een veelgehoorde zorg.
Maar een deelnemer hoeft geen rol te spelen. Je bent gewoon jezelf. Alleen doe je iets nieuws, en dát is spannend.
Het helpt wanneer:
- de deelnemer zelf regie houdt over de oefening
- er gewerkt wordt met speelse, laagdrempelige werkvormen
- veiligheid binnen de groep expliciet wordt gemaakt
Het doel is niet om het perfect te doen. Het doel is om te oefenen.
2. De rol van de trainingsacteur
Een trainingsacteur speelt “de ander”. Maar doet dat niet zomaar.
Een goede acteur werkt vanuit intuïtie en gevoel. Voelt wat er onder de oppervlakte gebeurt. En kan dat teruggeven.
Waar in een echt gesprek soms veel onder de ijsberg blijft, kan een acteur dat zichtbaar maken:
- Wat roept jouw gedrag bij mij op?
- Waarom reageer ik zoals ik reageer?
- Wat gebeurt hier eigenlijk tussen ons?
De acteur kan bovendien de interactie sturen op het leerdoel van de deelnemer. Vertragen, verscherpen, of juist ruimte geven.
De hobbel: “Het is niet echt.”
Dat klopt, en daar zit juist de waarde.
In een veilige oefensituatie kun je communicatief experimenteren zonder dat het gevolgen heeft voor een werkrelatie. We doen immers “alsof”.
En tegelijkertijd merken we telkens weer hoe snel mensen meegaan in een afgesproken situatie. Zodra het gesprek begint, voelt het vaak verrassend echt.
Dat maakt het werken met een trainingsacteur leerzaam en veilig.
3. Veilig oefenen met nieuw gedrag in een training
Voor een trainer is werken met een trainingsacteur meer dan een leuke werkvorm.
Het is een kans om te zien:
- Snappen deelnemers wat is uitgelegd?
- Waar wringt het in de praktijk?
- Wat gebeurt er écht in een gesprek?
Door een oefengesprek samen te analyseren, ontstaan inzichten die je in theorie minder snel boven tafel krijgt. Daarnaast zorgt werken met een acteur voor interactie en afwisseling. Het maakt een training levendiger en dynamischer.
De hobbel: angst voor goed of fout
Sommige deelnemers zijn bang beoordeeld te worden. Daar ligt een belangrijke verantwoordelijkheid voor de trainer.
Een veilige leeromgeving betekent:
- geen goed of fout
- wel nieuwsgierigheid
- ruimte om te proberen
- en ruimte om te leren
Wanneer veiligheid voelbaar is, durven deelnemers te experimenteren. Juist dat is waar ontwikkeling begint.
4. De trainingsacteur inzetten voor samen leren en samen herkennen
Wat vaak onderschat wordt, is de kracht van de groep.
In oefensituaties ontstaat herkenning:
“Dit maak ik ook mee.”
“Dat vind ik ook lastig.”
Herkenning zorgt juist voor verbinding in de groep.
Het kan bevrijdend zijn om te merken dat je niet de enige bent die ergens tegenaan loopt. De betrokkenheid van de groep kan steun geven aan de deelnemer die oefent.
Bovendien zorgen speelse werkvormen vaak voor ontspanning en zelfs vrolijkheid. Dat draagt bij aan een positief leerklimaat.
De hobbel: “Iedereen kijkt naar mij.”
Dat gevoel is begrijpelijk. Daarom betrekken we de hele groep actief bij het leerproces. Niet als beoordelaars, maar als mede-onderzoekers.
De mooiste momenten ontstaan wanneer een groep samen probeert te ontrafelen:
Wat gebeurt hier nu eigenlijk?
Waarom werkt dit wel?
Wat maakt dat het hier schuurt?
Dan wordt het geen toneelstukje van een persoon. Maar een gezamenlijke ontdekking.
Trainingsacteur inzetten voor duurzame gedragsverandering
Werken met een trainingsacteur kan spannend zijn. Maar nieuw gedrag aanleren is ook spannend en intensief.
Juist daarom is het zo waardevol om dat in een veilige omgeving te doen. Waar je mag proberen. Mag zoeken. En misschien wel het belangrijkste; waar je mag falen zonder consequenties.
Training zien wij als het startschot van verandering.
Oefenen met een trainingsacteur helpt om dat startschot ook echt in beweging te brengen. Want inzicht zonder ervaring, verandert weinig. Ervaring zorgt voor beweging.
Over de auteur: Marike Vijver
“Van nature ben ik nieuwsgierig naar menselijk gedrag: waarom mensen zeggen wat ze zeggen, doen wat ze doen, wat leidde tot mijn studie psychologie. Terwijl ik bezig was met mijn PhD pakte ik theater op als hobby, waar ik na het afronden van mijn PhD al snel mijn werk van maakte. Ik ontdekte dat theater een verrassend krachtig middel is: het maakt gedrag zichtbaar, voelbaar en bespreekbaar. Als trainingsacteur komt daar alles samen: ik kan, door gedrag te leveren en situaties neer te zetten, de kans bieden om samen te experimenteren met interacties. Dat levert vaak mooie inzichten op, met regelmatig een lach. Want juist met lichtheid wordt het makkelijker om nieuw gedrag uit te proberen”.
